dollytill

Verleden en heden

De twee zwervers van de Amsterdamse wallen (2)

1 reactie

 DE GROTE VERHUIZING.

Mijn dochter krijgt een tijdelijke baan in de Amerika aangeboden. “Mam mogen de katten bij jou zolang?” Ik vind het prima. De katten hebben hier al eerder gelogeerd en het transport van Amsterdam naar mijn huis is altijd dramatisch. Pepe mokt, miauwt en braakt soms onderweg maar Meneer Nilsson is claustrofobisch en wordt hysterisch als we hem in de auto en in de kattenkennel zetten. Uit het eerste (goedkopere) exemplaar wist hij zich in minder dan 20 minuten te bevrijden. We kochten een betere transport box. DSCF3788Die kan hij niet openbreken maar onderweg jammert, poept, plast en braakt hij aan een stuk door. De stank is niet te harden en halverwege moeten we bij een tankstation stoppen om de bak te verschonen en de kat mee naar het toilet te nemen om zijn kont te wassen. Ook deze keer is het niet anders maar eenmaal bij mij thuis gekomen zijn ze supersnel aangepast.

En ja, als je van een Amsterdams bovenhuis komt wil je ook wel graag naar buiten.

Mijn achtertuin grenst aan het water en het ziet er voor deze stadskatten natuurlijk wel erg Want to go out now !spannend uit: vogels, vlinders, eenden, Leuk ! Pepe houdt het allemaal goed in de gaten en intussen verzinnen ze van alles om de deur uit te glippen. Pepe slaagt daar uiteindelijk in. Drie dagen lang is hij spoorloos en dan staat hij ineens weer doodgemoedereerd voor de deur. Hij heeft het nu allemaal wel even gezien en wil eten. Nu meteen graag! Meneer Nilsson is wat voorzichtiger. Ook hem laat ik uiteindelijk gaan. Hij loopt behoedzaam, met hoge poten door de tuin, snuffelt, zet zijn nagels in een boomstam en komt weer terug. Was leuk hoor, lijkt hij te zeggen. Maar ik kijk later nog wel eens.

Pepe houdt niet van kinderachtige spelletjes

Pepe, rustig en bedaard heeft iets aristocratisch. Meneer Nilsson is speels. Hij kan uren achter een prop papier aanrennen terwijl Pepe, die al dit kinderachtig gerollebol niet kan waarderen, misprijzend toekijkt. Meneer Nilsson is gespecialiseerd muizenvanger en Pepe doet vogeltjes. Ondanks zijn grote lijf plukt hij ze zo uit de lucht. Mijn tuin wordt een gevarenzone voor laagvliegende vogels. Beiden komen ze me enthousiast hun buit tonen. Ik weet niet hoeveel vogeltjes ik gered heb. Er zijn er heel wat want Pepe doet het meer om de sport van het vangen dan om het opeten/spelen. Dood vindt hij er niks aan. Meneer Nilsson daarentegen biedt zijn gevangen muizen weinig overlevingskansen.

Pepe verzorgt zijn “broer ”nog dagelijks want diens persoonlijke hygiëne laat nog steeds te wensen over om maar niet te spreken van zijn tafelmanieren. Meneer Nilsson eet nogal vochtig omdat hij tanden mist. Bij zijn etensbak laat hij een puinhoop achter en na het eten moet ook zijn snuit weer worden schoongelikt. Pepe heeft er een dagtaak aan maar ze zijn en blijven dikke vrienden. 2013-07-30 12.45.50 Volgens mij weten niet beter of ze horen hier thuis maar sommige – van hun eerste baasjes meegekregen – gewoontes leren ze nooit meer af. Zoals bijvoorbeeld hun nimmer aflatende hulpvaardigheid bij het uitpakken van boodschappen. De vriend van mijn dochter had de gewoonte alle door hem gedane boodschappen op tafel uit te stallen en ’s avonds op te ruimen als ze beiden thuis waren. Soms zat er ook iets lekkers bij voor de katten. En als kat ga je er dan meteen maar vanuit dat een béetje baas gewoon altijd moet zorgen voor een verrassing. Uitgaande van die gedachte zorgden zij ervoor dat de boodschappen volledig waren uitgepakt tegen de tijd dat dochter en vriend thuiskwamen. Chaos! Zo ook hier. Als ik met boodschappen thuis kom zitten ze meteen bovenop de tafel. “Heb je nog wat voor ons meegebracht?” IMG604Mei 2008 Ze installeren zich op de krant als je zit te lezen, willen alle twee op schoot als er TV wordt gekeken en Pepe gaat graag breeduit op  het toetsenbord van de PC liggen of wil toevallig net in die stoel zitten waar al iemand op zit.

Tuinieren vinden ze ook wel gezellig en kijken vol belangstelling toe. Zij graven uit wat ik net heb geplant en meneer Nilsson helpt vaak bij het voeren van de eenden. Voorzichtig schuift hij stukjes brood naar de rand van de steiger. Pepe kijkt toe. Die vindt al dat gedoe uiterst vermoeiend.

ZIEK

En dan wordt meneer Nilsson ziek. Hij vermagert snel ondanks zijn niet aflatende eetlust. Ook drinkt hij veel. Toch maar even naar de dierenarts. In de transportbox. Drama as usual. Hij spuugt, poept, jammert en blaast want bij de dierenarts is het nooit leuk en dan staan er in de wachtkamer ook nog allemaal honden naar je te staren.

Er wordt bloed afgenomen en de uitslag is niet goed. De diagnose is niet duidelijk maar het lijkt op nierfalen. Ik word naar huis gestuurd met het verzoek ook zijn urine op te vangen en de volgende ochtend laat ik ook dat testen. Wonderlijk genoeg worden daar geen afwijkingen in gevonden en de dierenarts stelt voor Meneer Nilsson zo snel mogelijk op te nemen. Het is misschien een infectie bij zijn nieren en die worden dan gespoeld door middel van een infuus. Vier dagen later mag ik hem ophalen. Hij is 100 gram aangekomen, is zeer te spreken, eet en drinkt goed en de bloedwaarden zijn ook weer normaal. Fantastisch! Pepe staat al voor de deur te wachten en ze zijn duidelijk blij elkaar te zien.

De vreugde duurt niet lang. Dezelfde avond begint meneer Nilsson weer te braken. Eetlust heeft hij wel en hij krijgt natuurlijk de lekkerste hapjes, maar het komt er meteen weer uit. Bank en stoelen en het vloerkleed worden bedekt met plasticfolie want hij spuugt echt overal en ook de medicijnen die hij heeft meegekregen komen er natuurlijk weer uit. Verder ligt hij liefst op zijn kussentje en staart suffig voor zich uit. Wat nu? Ik hoop dat hij misschien toch nog opknapt. Maar hij vermagert weer zienderogen. Op een ochtend zit hij bovenaan de trap en begint weer hevig over te geven. Voor zo’n kleine kat is het nog verbazingwekkend hoeveel er uit komt. Hij kan niet meer op zijn pootjes staan en valt om. Hij is zo mager dat je z’n ribbetjes  voelt zitten en ik kan het niet langer aanzien.

Terug naar de dierenarts. Deze keer zegt Nilsson helemaal niks als hij in zijn gehate transportbox moet. Bijna bij de praktijk aangekomen moet hij weer braken. De dierenarts is geschokt als ze ziet hoe hij in die paar dagen achteruit is gegaan. Er moet iets anders aan de hand zijn, maar wat? Weer opnemen betekent dat ze hem zo ongeveer binnenste buiten moeten keren om erachter te komen wat hij mankeert. Meneer Nilsson is 10 jaar. Hij heeft een gelukkig leven gehad en ik moet de beslissing nemen hem in te laten slapen. Hij wordt op een zacht kussentje gelegd, krijgt zijn spuitje en ik blijf hem over zijn kop aaien. Aan zijn pootjes zit nog wat opgedroogd spuug. De dierenarts zegt dat zijn hartje niet meer klopt. “Is hij nou dood”? vraag ik onnozel.

Iedereen is lief maar dat maakt het alleen maar emotioneler. En dan kom je thuis met je lege transportbox waar Pepe weer voor de deur zit te wachten en schijnt te voelen wat er aan de hand is. En ook hij is verdrietig. .

Advertenties

One thought on “De twee zwervers van de Amsterdamse wallen (2)

  1. ‘snif’ wat zielig arme Meneer Nilsson. Wat een leven.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s