dollytill

Verleden en heden


Een reactie plaatsen

kerst blues

Sinterklaas is alweer vergeten. Nu de Kerst nog.
Ik kan maar geen verklaring vinden voor het feit dat ik deze feesten zo hartgrondig haat, maar dat doe ik dus. En niemand begrijpt het natuurlijk.

“Maar het is zo gezellig” roept 80 procent van de mensen die je spreekt, waarna je een uitgebreid verhaal krijgt over wat er gegeten gaat worden en hoe ze dat allemaal gaan aanpakken. “Ja, je moet wel hè” neuzelt de overige 20%. Van wie moet dat dan? vraag ik me af.
De tijdschriften roepen ons  vanaf de omslag toe dat het Grote Feestelijke Genieten is begonnen. De recepten met exotische en incourante vleessoorten vliegen je om de oren evenals must-do visgerechten, uitheems pluimvee, hertenbouten, wild zwijn op een bedje van pruimen of zoiets en dan natuurlijk ook  prachtige dessert-ideeën.

De T.V. haalt oude kerstfilms uit de kast en in de winkels kwelen kinderkoortjes dat Christus is geboren.
De jaar-in jaar-uit grijsgedraaide liedjes met lange bibberende uithalen klinken alsof ze met een draadje uit de kinderstrotjes worden getrokken.

Er moeten nog mensen zijn die mijn antipathie delen, maar die maken helaas geen deel uit van mijn kennissenkring, familie of buurtgenoten.
Dus met een mening als de mijne ben je in zo’n omgeving niet alleen een roepende in de woestijn maar ook nog een malloot.

Hele volksstammen liggen met elkaar in de clinch deze dagen. Alleen al over de vraag wie wat bij wie en waar viert.
Maar kerst moet gevierd worden. Hoe dan ook!
Het feit dat je massaal moet eten, drinken en vrolijk zijn omdat het zo gezellig is én omdat iedereen het doet, geeft mij meer de indruk dat we een kudde schapen zijn, geleefd en geleid door onze omgeving maar ook, en misschien wel in het bijzonder, door de commercie. We denken dat we aan een soort verplichting moeten voldoen.
Kerstkaarten sturen. Kerstkaarten ontvangen.
De mailbox van de computer braakt iedere dag lieve kerstgroeten en e-cards uit  en ik en stel het erg op prijs dat ik niet vergeten word, maar wat me tegen staat is het verplichte karakter van dit alles.
De enigen die hier echt blij van worden zijn de supermarkten, de postorderbedrijven, de post, de kaartenverkopers, de parfumerieën, de warenhuizen enz. enz. enz.
De rest van de mensen, die aanvankelijk vertelden “zo’n zin” te hebben in die knusse feestdagen, spreek je na 1 januari: de onvermijdelijke kater, kilo’s zwaarder en honderden euro’s lichter en met een beetje pech ook nog een burn out. Een echte. Gevolg van dagenlang kokkerellen.

En laten dat nu de eersten zijn die je komen vertellen dat ze blij zijn dat alles achter de rug is!

Vrede op Aarde en de beste wensen.
Of is het Vreten op Aarde ?

Eerst nog even Oud en Nieuw vieren en dan gaan we met z’n allen op dieet. dieet2

 

Advertenties


Een reactie plaatsen

BUS SEVENTY-THREE

Het is rond half elf in de avond, het waait hard en het regent. De lantaarnpalen op het verlaten parkeerterrein bewegen een beetje door de harde wind en het licht schijnt troebel door de regendruppels heen. Kortom een avond om snel naar huis te rennen. Ik ben net uit de trein gestapt.2014-10-24 21.47.24 In de omgeving van dit stationnetje is helemaal niets. Nada. Als je hier niet bekend bent kom je, zeker in het donker, nergens terecht. Er loopt een tweebaansweg langs het station maar als je die al zou willen oversteken eindig je in het struikgewas of in een greppel dus je moet via het fietspad een willekeurige richting uitlopen om uiteindelijk ergens te kunnen oversteken naar een woonwijk. Aanwijzingen voor de willekeurige bezoeker/toerist zijn er niet. Mijn auto staat eenzaam op het parkeerterrein en pas nadat ik gestart heb bedenk ik dat ik ben vergeten uit te checken. Motor uit. Terug naar de stempelautomaat.

Bus 73

Ineens zie ik iemand uit het donker opdoemen. Een man. Een grote tas in de ene hand en met de andere houdt hij een plastic zakje tegen zijn borst geklemd. Het is even schrikken.. dat wel. Hij stamelt iets maar ik versta er geen woord van. Dan komt het eruit: “bus seventy three ?” Hè? Bus 73? Er kómt hier helemaal geen bus. Maar er is wél een bushalte. Met een groot bord waarop aankomst- en vertrektijden staan vermeld.

De gemeente, of  de vervoersmaatschappij, heeft deze mensvriendelijke beslissing ooit genomen in een vlaag van verstandsverbijstering, veroorzaakt door blind enthousiasme over het feit dat er een nieuw “station” gebouwd werd, notabene op 2 km afstand van het vorige. Maar dat was “verouderd” en nu staat er een constructie die iets weg heeft van een kegelbaan, maar dan zonder de buitenmuren. Kortom een tochtige goot die weinig bescherming biedt tegen wind en regen.

En daar sta je dan: in the middle of nowhere bij Emmens trots: “Het Nieuwe Station Van Zuid”, op een lege parkeerplaats, in het donker en met een wildvreemde man. Zijn wanhoop, vermoeidheid en argwaan zijn bijna tastbaar. Ik kan zijn gezicht amper zien.

Op de vraag of hij Engels spreekt krijg ik alleen maar “ bus seventy-three” als antwoord. Ik doe nog een paar pogingen maar hij spreekt geen enkele, voor mij herkenbare taal. Uiteindelijk komt er een antwoord: “no English. Arabic.” Nee, Arabisch versta ik niet. Dit wordt moeilijk. 2014-10-24 21.50.59 (2) Samen lopen we naar die ene bushalte. Vaag herinner ik me nu ooit in een jubelend propaganda-artikel te hebben gelezen dat dit nieuwe station over een zogenaamde belbus-halte beschikt. Dus in plaats van een treintaxi krijg je nu een hele bus. Dan is dit die belbus-halte zeker?  Er staat nergens een telefoonnummer.

Volgende poging: “do you have an address? Where are you going?” Nu komt er een verfrommeld papiertje uit de plastic zak én een uitgeprinte reisplanner van de N.S. Hij moet in Emmen Zuid uitstappen en dan de reis vervolgen met bus 73. Hij strijkt het verfrommelde papiertje glad en laat me de tekst zien. Daar moet hij heen. De tekst is in Arabische letters. Dat schiet niet op. Hij leest voor wat er op staat :  Musselkanaal. Aha! Dit is Emmen Zuid. Musselkanaal ligt zo’n 30 km verderop in Groningen. Hij staat bij het verkeerde station.

Ik laat hem in de auto stappen. Hij zit naast me met zijn hele hebben en houden op schoot, het plastic zakje tegen zijn borst geklemd. De wanhoop hangt als een donkere wolk om hem heen. En misschien ook angst? Ik rij met hem naar het station in het Centrum en ja hoor, daar hebben we een busstation waar ook bus 73 een vertrekplaats heeft.

Hij haalt hoorbaar opgelucht adem als ik aanwijs waar hij moet zijn, stapt uit, maakt minstens tien buigingen en ik zie hem naar de aangewezen plek lopen.

Onderweg naar huis zit ik me op te winden. Ik stel me voor hoe het moet zijn als je in een vreemd land, waar je niemand verstaat en niets begrijpt in een trein wordt gezet zonder te weten waar je heen gaat. Ik weet niet waar hij op de trein is gestapt of gezet, maar aangezien hij een treinkaartje en een uitgeprinte reisplanner had, moet hij door een Nederlandse organisatie zijn geholpen. Dus waarom geef je zo’n man niet een duidelijk, in het Nederlands geschreven briefje mee waarmee hij uit de voeten kan. Waarin staat hoe hij heet, waar hij naartoe moet en dat hij de taal niet spreekt. Zeker in deze tijd. Een buitenlander wordt al gauw voor terrorist aangezien.

En hoe lang heeft hij hier al op de bus staan wachten? Heeft hij andere mensen proberen te benaderen? Zijn die gillend weggevlucht? Emmen is geen metropool. Maar er zijn wel twee stations en dat staat vrij duidelijk aangegeven op de N.S. website.

De betreffende hulporganisatie zou misschien even verder moeten kijken op welk station zo iemand moet uitstappen om de gewenste bus te kunnen pakken, zeker als de persoon naar het een of andere godvergeten gat wordt gestuurd. Thuis heb ik het voor de zekerheid nog even nagekeken. Er is een Asielzoekers Centrum in Musselkanaal en bus 73 stopt daar.

Gelukkig..


Een reactie plaatsen

BILNAAD

Etentje.

Etentje bij vrienden. Altijd leuk.

Mijn vrienden hebben bedacht dat dit een mooie gelegenheid kan zijn om een kennis, weduwnaar, uit te nodigen en die aan een van onze vriendinnen te “koppelen”. De vriendin weet nog van niets. Misschien klikt het.

Volgens mijn vrienden is de man in kwestie een wat eenzame, aandacht-behoevende, zorg-zoekende oudere man en verder weten ze ook niet veel van hem.

De mystery guest is echter nog niet gearriveerd en we moeten wachten. Geeft niet. We hebben een aperitiefje waar we het mee kunnen uithouden.

Twee aperitiefjes later komt hij eindelijk aanzetten.  Een keurige meneer, ruim 65 plus en niet onaantrekkelijk.  “Sorry, sorry,  ik moest nog even naar de apotheek, lang moeten wachten, toen naar huis om te verkleden en daarna file op weg hiernaartoe.”

Ja, dat kan gebeuren.

Terwijl hij zich voorstelt en iedereen begroet houdt hij zo’n mannentasje onder z’n linkerarm geklemd, die hij, tot we aan tafel gaan onder z’n arm houdt.

De gastvrouw biedt aan de tas even weg te zetten maar de meneer weigert. Hij is diabeet en hij moet zo even prikken.

De gedekte tafel ziet er sfeervol uit. Bloemen, kaarsjes, mooi glaswerk, the works. Prachtig !

De meneer  zet zijn tasje naast het bord en schuift het zorgvuldig gearrangeerde bestek en glazen een eind opzij.

Na het voorgerecht gaat het tasje open en er komt een schriftje tevoorschijn. Dan volgt er een pen en wat attributen die er medisch uitzien. Terwijl hij opsomt waar hij, behalve de suikerziekte, zoal aan lijdt gaat het overhemd omhoog en prikt zichzelf in de harige buik. Dan nog een prikje in de vinger en de resultaten worden omstandig genoteerd in het schriftje.

Tot nu toe hebben wij, zijn tafelgenoten, het beleefd gehouden.  De man wappert met kwalen en ongemakken alsof het trofeeën zijn. We hebben met belangstelling geluisterd naar de inhoud van zijn medisch dossier, zijn verhalen over alle kwaaltjes, de opsomming van alle artsen, therapeuten, tandartsen en specialisten aangehoord en hebben bijpassende en sympathieke opmerkingen en geluidjes gemaakt. Dat wil zeggen: voor zover we de kans kregen.

Maar nu begint de irritatie toe te slaan. Onder het eten notabene. Kon dat prikken niet even op de gang gebeuren?  En gaan we het de hele avond hebben over medicijnen en ziektes?

Het hoofdgerecht is inmiddels opgediend. De gastvrouw heeft zichzelf overtroffen, alles ziet er geweldig uit en smaakt nog beter. De meneer doet een poging zijn klachtenverhaal voort te zetten maar nu zijn we in het stadium beland waarin getracht wordt hem te negeren en het over andere onderwerpen te hebben.

Ook begint een en ander op de lachspieren te werken. Is het de wijn of de situatie?  Waarschijnlijk beide.

We zijn toe aan het nagerecht en terwijl er een feestelijke creatie wordt opgediend en uitgedeeld grijpt hij zijn kans weer: “Weet je, ik heb nog iets: een fistel. Lastig hoor. In mijn bilspleet. Heel vervelend.”

“Wil je er slagroom op?” vraagt de gastvrouw in een poging hem af te leiden.

“Vreselijk gewoon, ik moet mezelf elke avond goed wassen want anders blijft er wat poep tussen zitten.”

“wil je er aardbeien bij en ook chocoladesaus?” vraagt de gastvrouw.

“Poep tussen mijn billen bedoel ik,” zegt de meneer. “Ja lekker, aardbeien graag.

“En morgen moet ik naar de specialist voor mijn apneu. Ik heb heel veel ademstilstanden per nacht. In feite lig ik de halve nacht dood in bed.”

Zucht..

Nu kunnen we ons lachen echt niet meer houden.

Lullig voor de meneer.

Jammer ook dat onze poging om onze vriendin  te koppelen  is mislukt.

Ze ziet hem niet zitten.

Nee. Trouwens wie wel ?


1 reactie

Dikke Mercedes

Image

We moeten nog wachten tot na 5 december om de zwartepieten hysterie te laten wegebben en dan moet er een ander onderwerp worden gevonden waar we diep-analyserende, pseudowetenschappelijke prietpraat over kunnen verkondigen.

Ook de media zullen niet achterblijven. Pauw en Witteman gaan weer keuvelen met deskundigen en De Wereld draait Door zal ook wel een blik wetenschappers willen openen. Tenslotte moeten we ergens over kunnen zeuren. In ons binnenland gebeuren genoeg ernstige zaken die onze volle aandacht behoeven. Wat er verder in de wereld speelt is niet belangrijk genoeg om je over op te winden.

Volgens sommige mensen.

Het volgende prangende onderwerp in onze eigen soapserie heet ” Nederland op z’n smalst” en het gaat over de verkopers van de Daklozenkrant.

Vanaf ongeveer half november zie je ze  weer: mensen die bij supermarkten en in winkelcentra staan en de Daklozenkrant proberen te verkopen. Ik weet niet hoe het er in andere steden aan toe gaat maar hier, en ik zeg niet waar, worden ze genegeerd. Staat er zo’n man of vrouw te kleumen, gewikkeld in sjaals en doeken en in een veel te dun winterjack en we lopen ze fluitend voorbij met onze volgeladen kar.  Ze zijn onzichtbaar. We zijn plotseling blind. En doof.  Er staat er hier een  die altijd vrolijk goedemorgen/middag roept, een hardnekkige optimist, en die wordt niet gehoord. Stel je voor.. zo eng. En dan zo’n buitenlander. Altijd handig als je ze niet verstaat.

Kortgeleden was ik even in het centrum van de stad. Bij V&D op de hoek staat zo’n vrouw van zeker 60 plus met haar pakje kranten. Ze ziet blauw van de kou. Wiebelend van het ene been op het andere, haar voeten steken in sandalen. Haar  voeten en enkels zijn opgezwollen en blauw wat duidelijk te zien is door haar pluizige pantykousjes. De wind is gemeen koud en het miezert ook nog. Wie weet hoe lang ze daar al staat. Geen hond die haar opmerkt. Of wil zien..

Ik hoef geen krant maar een Euro kan er altijd wel af. De gebreide handschoenen die ze draagt zijn transparant van ouderdom en slijtage.  Zo krijg je nooit warme handen natuurlijk.

Een paar uur later kom ik weer langs.  Staat ze er nóg !  Op dezelfde hoek. Vlak tegenover haar plek is een M&S winkel waar rekken buiten staan met truien en vesten. Twee vrouwen staan er in te graaien. Ik hoor de een tegen de ander zeggen: “pas op je tas hoor, kijk eens achter je.”  Ze knikt richting Daklozenkrant-dame.

Ik kan mijn mond niet houden natuurlijk en vraag of ze vaak bestolen zijn door Daklozenkrantverkopers? “Nou,” zegt de jongste, “zal ik  es wat vertellen: straks komt  er een dikke Mercedes en die haalt al die lui op. Het is een Maffia. Heb ik met eigen oren gehoord hoor. Echt !”

Aha.. weer wat geleerd. Voortaan toch eens op alle dikke Mercedessen letten. Die zitten vast vol met geld-tellende daklozen.

Voorlopig geef ik de vrouw demonstratief nog maar wat geld.

Hopelijk om een paar warme handschoenen te kunnen kopen.

Het commentaar van de dames op de achtergrond kan ik  niet verstaan.


4 reacties

Kerstkoor

SONY DSC

Er werd gevraagd of ik mee wilde naar een uitvoering van een Koor.  “A Festival of nine lessons and Carols”.

Ach waarom niet. In Nederland ben ik in geen jaren naar een kerk geweest, laat staan om naar kerstliederen te luisteren. Het het leek me wel wat.

Aanvang om 20.00 uur. We moesten er op tijd heen zei mijn vriendin want vorig jaar moest er lang in de rij gewacht worden. Oké. Om kwart voor zeven  de deur uit.  We waren de eersten. Veel  te vroeg. Kleumend voor de gesloten kerkdeur zagen we de rij langer worden en eindelijk ging de poort open. Hoera. Binnen was het warm.

Wachtend op de dingen die komen gingen haalde ik mijn mobieltje uit mijn tas.  “Hier mag je geen telefoon gebruiken” siste de dame naast me. Ja dat wist ik ook wel.  “Ik zet alleen maar het geluid uit” siste ik terug.
We sisten glimlachend dus we bleven in de kerstsfeer.

Het was een gemengd koor en ze zagen er prachtig uit. De liederen werden afgewisseld met een stukje uit de Bijbel. Zowel de choreografie als de organisatie waren indrukwekkend.
Wat konden die mensen zingen, wat een enthousiasme, wat een discipline en wat een geluid. Na ieder muziekstuk had ik de neiging te gaan staan en uitzinnig te applaudisseren maar dat mag kennelijk niet. Ik begon me te ergeren aan al die strakke gezichten, die grauwheid, dat koude en dat stille.

Na het laatste lied, de finale, die explosief was, dacht ik eindelijk te mogen applaudisseren. Lang en hard.

Het was prachtig geweest. Deze mensen moeten maanden geoefend hebben op dit concert.  Maar het bleef stil. De koorleden verdwenen, de orgelmuziek sloot zachtjes af en toen klonk er eindelijk een beleefd applausje maar de zangers waren al weg. De toehoorders schuifelden wat heen en weer op hun stoel, zochten jas en tas bij elkaar en liepen de deur uit.

Niet te geloven.

We stonden weer op straat.

Koud.

Met  het gevoel van een feest te zijn weggelopen zonder de gastheer/vrouw te bedanken.
Ik ben niet op de hoogte van de etiquette bij of na het beluisteren/deelnemen aan een concert met kerstzang. Maar ik vond dit wel een bijzonder koude bedoening.


Een reactie plaatsen

Belangstelling

Er zijn mensen die graag over zichzelf praten.  Daar is niets mis mee. Maar een lang verhaal over steeds weer hetzelfde onderwerp of onbenullige gebeurtenis, gaat op  een gegeven moment de toehoorder vervelen.

Luisteren doen ze niet. Ze houden een monoloog. En  elk nieuw onderwerp wordt terstond op henzelf geprojecteerd.  “Jantje is met zijn fiets gevallen” (ik noem maar wat).  Er wordt dan niet gevraagd hoe het met Jantje is afgelopen, nee, je mag blij zijn dat je die ene zin hebt mogen afmaken want  er wordt meteen gereageerd met een verhaal over hoe erg zij ooit met hun fiets zijn gevallen. Doodvermoeiend vind ik dat.. en zo frustrerend.

Ik heb het nu over een hoogbejaarde kennis en ja, haar wereld wordt alsmaar kleiner.

Wat echter niets met leeftijd te maken heeft en me de laatste tijd veel opvalt op verjaardagen, bij vrienden en familie, op TV en de radio : iedereen práát maar door.  Niemand laat de ander uitpraten. Iedereen valt iedereen in de rede. Alles kwaakt en schreeuwt door elkaar heen.

En niemand luistert. En van die mensen is er geen een  hoogbejaard of dement.

Ik bedoel maar..

We luisteren allemaal vol belangstelling naar ons zelf.

En dan heb ik het nog niet gehad over brieven of e-mails.  Die worden niet meer gelezen. Of half gelezen.  Of  slecht geïnterpreteerd.  De meesten komen niet verder dan de eerste regel en dus  probeer ik  e-mails te  beperken tot eenregelige boodschappen.

En dan  nóg krijg je vaak antwoorden waarvan je denkt : “ Hè ? dat had ik toch helemaal niet geschreven’’ ?   Weken geleden stuur ik een korte mail met een vrij belangrijke boodschap aan een goede vriendin.

Als antwoord krijg ik een verhaal over de parkieten in de tuin van haar dochter en de  postzegelverzameling van haar moeder. Maar een reactie op mijn  berichtje? Ho maar.

Heeft ze  de inhoud van het bericht nou wel of niet gelezen vraag ik me af.  Geen idee.

Waar komt dit ineens vandaan ?


3 reacties

HOERA! U HEEFT GEWONNEN !!

  winnaar

 De buurvrouw krijgt een brief waarin ze wordt uitgenodigd voor een gratis dagje uit.

Alles is gratis: het vervoer per luxe tourbus, het verblijf op de  (verrassings-) bestemming, ontbijt en  lunch plus een voedselpakket met een gewicht van 10 kg en een bezoek aan een hortus.  Ook kan ze nog  tweeduizend euro dokken als ze bij aankomst even de uitnodiging met haar naam erop laat zien.

Heb je de kleine lettertjes wel gelezen?  wordt haar gevraagd. Jawel, die heeft ze gelezen. Alleen bij de 2000 euro staat een sterretje en een, in nóg kleinere lettertjes, een vage tekst over krasloten. “Afijn” zegt mijn buurvrouw “vooruit maar”.. Mijn buurvrouw lardeert haar eigen teksten met deze stopwoordjes. Haar man heeft er geen zin in. Hij is al vaker mee geweest. Allemaal propaganda waarbij je van alles wordt  aangesmeerd.  Maar ja, dat dagje uit, vindt de buurvrouw,  is toch wel aantrekkelijk en spannend.  En ook dat voedselpakket. En vooral die zeer mysterieuze bestemming.  Of ik dan zin heb om mee te gaan ? Ach waarom niet.  Ik wil dat ook wel eens meemaken. En zodoende staan we die ochtend in mei om 06.45 uur  in een druilerig regentje op een verlaten parkeerplaats op de bus te wachten.

De tourbus

Die arriveert redelijk op tijd.  We willen aan de voorkant instappen maar halverwege de lengte van de bus opent zich zuchtend en puffend een deur.  Achter de deur bevindt zich een smal trappetje van een tree of vijf. De buurvrouw, die nogal slecht ter been is, heeft er wat moeite mee, maar een chauffeur om even een kontje te geven laat zich niet zien of horen. “Afijn”, zucht buurvrouw “vooruit maar”. Tot onze verbazing zit het bijna vol. Voornamelijk ouderen: veel grijze gepermanente kapsels en keurige mantelpakjes.  Ik had eigenlijk verwacht dat dit een typisch vrouwenuitje zou worden maar er is ook een aantal heren aan boord.

Uit de speakers schallen  Duitse schlagers en aan het plafond hangen beeldschermen die de afspeellijst van de muziek weergeven.  Kennelijk koestert men de hoop dat de passagiers hiermee  worden opgevrolijkt  maar in ons geval heeft  de poging een averechts werking.  Mijn buurvrouw is half doof en de andere passagiers lijken er niet veel beter aan toe te zijn. Dus we lezen lip of we zwijgen. 

Het mag dan een grijze dag zijn maar  de natuur ligt er adembenemend bij:  frisgroen en schoongespoeld door de regen van de afgelopen nacht.   Vanaf de hoogte in zo’n bus ziet het er allemaal weer heel anders uit. De chauffeur laat zijn stem horen: “er is geen koffie aan boord  want de rit duurt maar 45 minuten. Verder is het toilet beneden, gelieve het licht uit te doen na gebruik. Plassen mag. Poepen niet. Moet u toch nodig dan maar even knijpen tot we er zijn. Dank U”.  Daarna stelt hij zich even voor waarna de muziek weer verder jodelt. Na een minuut of twintig stoppen we in een dorp bij een restaurant. Chauffeur: “het ontbijt staat klaar. Eerste kop koffie is gratis, de tweede moet u zelf betalen. Ik zie u later weer want dan gaan we ook nog naar een plantentuin”. “Leuk”,  zegt de buurvrouw “vooruit maar”.

De demonstratie.

We worden naar een mistroostig bruin/beige zaaltje geleid en mogen een tafeltje uitzoeken. We worden welkom geheten door een jongeman, die we Piet moeten noemen. Het ontbijt bestaat uit twee verlepte boterhammen. Ernaast ligt een doorschijnende plak ham,  een plakje kaas en een kuipje margarine. We zitten met een gezellig echtpaar aan de tafel maar ook hier kunnen we bijna geen woord  wisselen want vanuit de luidsprekers, die in de hoeken van het zaaltje zijn aangebracht,  brullen de smartlappen in golven over ons heen.  Even later schijnt er over geklaagd te zijn want de muziek wordt zachter gezet. Gelukkig.. In het midden van een geïmproviseerd podium staat een soort altaar.  Piet gaat ons reisjes aan de man brengen. Reizen binnen Europa, weekendtrips,  dagtrips, o.a. naar Italië, Oostenrijk, Zwitserland en Duitsland. En ja.. o jee.. ik begin te twijfelen. De prijzen zijn redelijk en de bestemmingen interessant. Zeker als je er gewoon eens een  dag drie tussenuit wil. Alles is inclusief logies en ontbijt. Klinkt leuk, maar het idee om urenlang in zo’n bus te moeten zitten met de muziekkeuze van de chauffeur… nee toch maar niet !

Piet kletst onafgebroken door over de voordelen van deze reizen en wijst herhaaldelijk op het  het feit dat we hier gratis zitten. Gratis ontbijt, gratis zaaltje, gratis bus, gratis voedselpakket van 10 kg en later gratis plantentuin. Dus wat willen we eigenlijk nog meer?  Ik weet niet of hij verwacht dat we hem nu gaan bedanken, maar zo klinkt het wel. “Afijn”,  zegt mijn buurvrouw “vooruit maar”.. .  Niet dat ze van plan is Piet te bedanken voor zijn genereuze aanbiedingen, maar ze gaat zo op in het verhaal dat ze ook bij zijn adempauzes even “vooruit maar” zegt. Als ik op mijn horloge kijk blijkt het pas 10 uur te zijn. Koffietijd. Ieder een kop slappe koffie a 1,50 geflankeerd door een zieltogend koekje en dan gaat de show weer verder. Het gaat nog even door over de reizen en vervolgens worden er gezondheidsproducten aan de man gebracht.

Vitaminesupplementen.

De schapenwollen dekens schijnen alom bekend te zijn, dus daar is hij kort over. Maar dan de vitaminesupplementen: een volle koffer voor een heel jaar. De prijs?  2700 euro..  “Vooruit maar” mompelt mijn buurvrouw, wat  een hoopvolle blik van Piet oplevert. Dan moeten we nog aanhoren dat dit een uitvinding is van een Zwitserse arts die met deze vitaminecombinatie in Amerika multimiljonair is geworden. De  Amerikanen hebben nu allemaal een grotere weerstand  dankzij deze supplementen. Want ja, ze hebben daar geen medische zorg, zegt Piet. Ze leven daar gewoon zonder dokters. Dankzij deze vitamines. Echt waar hoor ! Huh?

Om  12 uur kondigt Piet aan dat de lunch gaat bestaan uit gebakken vis met frites of een schnitzel met frites. En dit voor het luttele bedrag van € 12,50 p.p. Ik had begrepen dat we een gratis lunch zouden krijgen, een meeneem lunch, aldus de brochure, maar dat blijkt een misverstand. Nou ook goed, iedereen heeft inmiddels wel trek, dus even later zitten we allemaal aan de schnitzel. Ook hier gaat de muziek weer aan: de gebruikelijke smartlappen. Er valt weinig te praten.  We kunnen elkaar nauwelijks horen.

Na het eten wordt er nog wat gedemonstreerd, nog veel meer gepraat en de buurvrouw wordt benaderd of ze aan de actie wil deelnemen. Welke actie? Nou als ze een reis boekt of de laptop koopt dan mag ze  de supplementen voor 1650 euro hebben..  Als dát geen buitenkansje is ?! “Huh ? weljaaaa vooruit maar” zegt de buurvrouw.  Piet kijkt verheugd. “Echt waar” ?  Nee, dat bedoelt ze helemaal niet.  Helaas… jammer voor Piet, “Nou mij ’n zorg”, zegt Piet verbolgen. “Voor mij maakt het niks uit hoor. Ik ben jullie allemaal straks meteen vergeten. Morgen weer een nieuwe groep. De groeten” . Het voedselpakket van 10 kg bestaat uit een nest glazen schalen. Best wel handig. Een enorme zak Duitse lebkuchen met een ver in het verleden  liggende houdbaarheidsdatum,  een horloge en een zeer sterk riekende aftershave waarmee je ongetwijfeld  muggen en ander ongedierte kunt afschrikken deze  zomer. De € 2000 kun je winnen als je krasloten koopt.. Eindelijk is het afgelopen. Voor zover ik weet heeft niemand iets gekocht. Piet staat mokkend zijn papieren bij elkaar te zoeken en neemt nauwelijks afscheid. Bij de uitgang zie ik een aantal medepassagiers de zak lebkuchen tussen de plantenbakken wegmoffelen.  Ik volg hun voorbeeld. Kunnen ze ze morgen weer aan een andere groep uitdelen..

De Hortus

En nu dus naar die plantentuin. We zijn benieuwd.. Tien minuten later stopt de bus bij een filiaal van Intratuin. Verbazing alom. Plantentuin ? Ja, inderdaad,  daar is geen woord van gelogen. “Om 4 uur terug zijn” roept de chauffeur  “en wie dan niet bij de bus staat blijft hier.  Ik wacht op niemand”. “Vooruit maar”, zegt buurvrouw. Maar niemand heeft trek in een verplicht bezoek aan de Intratuin. We sloffen een uur rond, kopen niks en mogen eindelijk weer de bus in. Naar huis. Gelukkig. Wat een dag ! .